Individual Elements

←4P37
4P39→

4P38

Elements Used in 4P38
  1. 2p14  4P38d
  2. 4p26  4P38d
  3. 4p27  4P38d

Id quod corpus humanum ita disponit ut pluribus modis possit affici vel quod idem aptum reddit ad corpora externa pluribus modis afficiendum, homini est utile et eo utilius quo corpus ab eo aptius redditur ut pluribus modis afficiatur aliaque corpora afficiat et contra id noxium est quod corpus ad hæc minus aptum reddit.

DEMONSTRATIO: Quo corpus ad hæc aptius redditur, eo mens aptior ad percipiendum redditur (per propositionem 14 partis II) adeoque id quod corpus hac ratione disponit aptumque ad hæc reddit, est necessario bonum seu utile (per propositiones 26 et 27 hujus) et eo utilius quo corpus ad hæc aptius potest reddere et contra (per eandem propositionem 14 partis II inversam et propositiones 26 et 27 hujus) noxium si corpus ad hæc minus aptum reddat. Q.E.D.

Het geen, 't welk het menschelijk lighaam in dier voegen schikt, dat het op veel wijzen aangedaan kan worden, of 't welk het zelfde bequaam maakt om d'uitterlijke lighamen op veel wijzen aan te doen, is aan de mensch nut, en zo veel te nutter, als het lighaam daar door bequamer gemaakt word om op veelderhande wijzen aangedaan te worden, en andere lighamen aan te doen. In tegendeel, dit is schadelijk, 't welk het lighaam hier toe minder bequaam maakt.

Betoging.--Hoe het lighaam hier toe bequamer word gemaakt, hoe de ziel ook bequamer tot bevatten gemaakt word; volgens de veertiende Voorstelling in het tweede deel. Dieshalven, 't geen, 't welk het lighaam door deze middel schikt, en hier toe bequaam maakt, is nootzakelijk goet, of nut, (volgens de zes- en zevenëntwintigste Voorstelling in dit deel) en zo veel te nutter, als 't het lighaam hier toe bequamer kan maken; en in tegendeel (volgens de zelfde veertiende Voorstelling van het tweede deel, omgekeert zijnde, en volgens de zes- en zevenëntwintigste Voorstelling van dit deel) schadelijk, indien 't het lighaam hier toe minder bequaam maakt; 't welk te betogen stond.

Whatsoever disposes the human body, so as to render it capable of being affected in an increased number of ways, or of affecting external bodies in an increased number of ways, is useful to man; and is so, in proportion as the body is thereby rendered more capable of being affected or affecting other bodies in an increased number of ways; contrariwise, whatsoever renders the body less capable in this respect is hurtful to man.

Proof.--Whatsoever thus increases the capabilities of the body increases also the mind's capability of perception (II. xiv.); therefore, whatsoever thus disposes the body and thus renders it capable, is necessarily good or useful (IV. xxvi. xxvii.); and is so in proportion to the extent to which it can render the body capable; contrariwise (II. xiv., IV. xxvi. xxvii.), it is hurtful, if it renders the body in this respect less capable. Q.E.D.
Elements in Which 4P38 is Used
  1. 4P38  4p39d
  2. 4P38  4p41d
  3. 4P38  4p42d
  4. 4P38  4p43d
  5. 4P38  5p39d