Individual Elements

←3P40
3P42→

3P41

Elements Used in 3P41
  1. 3p27  3P41d
  2. 3p13  3P41d
  3. 3p40s  3P41d
  4. 3p30  3P41s
  5. 3p30s  3P41s
  6. 3p25  3P41s
  7. 3p40s  3P41s
  8. 3p39  3P41s
  9. 3p40  3P41c

Si quis ab aliquo se amari imaginatur nec se ullam ad id causam dedisse credit (quod per corollarium propositionis 15 et per propositionem 16 hujus fieri potest) eundem contra amabit.

DEMONSTRATIO: Hæc propositio eadem via demonstratur ac præcedens. Cujus etiam scholium vide.

SCHOLIUM: Quod si se justam amoris causam præbuisse crediderit, gloriabitur (per propositionem 30 hujus cum ejusdem scholio) quod quidem (per propositionem 25 hujus) frequentius contingit et cujus contrarium evenire diximus quando aliquis ab aliquo se odio haberi imaginatur (vide scholium propositionis præcedentis). Porro hic reciprocus amor et consequenter (per propositionem 39 hujus) conatus benefaciendi ei qui nos amat quique (per eandem propositionem 39 hujus) nobis benefacere conatur, gratia seu gratitudo vocatur atque adeo apparet homines longe paratiores esse ad vindictam quam ad referendum beneficium.

COROLLARIUM: Qui ab eo quem odio habet, se amari imaginatur, odio et amore simul conflictabitur. Quod eadem via qua primum propositionis præcedentis corollarium demonstratur.

SCHOLIUM: Quod si odium prævaluerit, ei a quo amatur malum inferre conabitur, qui quidem affectus crudelitas appellatur præcipue si illum qui amat nullam odii communem causam præbuisse creditur.

Indien iemant zich inbeeld dat iemant hem bemint, en niet gelooft dat hy enige oorzaak daar toe heeft gegeven, ('t welk, volgens de Toegift van de vijftiende Voorstelling, en volgens de zestiende Voorstelling van dit deel, kan geschieden) zo zal de zelfde hem weêr beminnen.

Dit word op de zelfde wijze betoogt, als de voorgaande Voorstelling, daar af men ook het Byvoegsel na te zien heeft.

Byvoegsel.--Maar indien hy gelooft dat hy gerechtige oorzaak van liefde heeft gegeven, zo zal hy zich beroemen; (volgens de dartigste Voorstelling van dit deel, met der zelfder Byvoegsel) 't welk (volgens de vijfëntwintigste Voorstelling van dit deel) dikwijls gebeurt, en dat, gelijk wy gezegt hebben, recht anders voorvalt, als iemant zich inbeeld dat iemant hem haat. Bezie het Byvoegsel van de voorgaande Voorstelling. Voorts, deze wederkerige liefde, en by gevolg (volgens de negenëndartigste Voorstelling van dit deel) de poging van wel te doen aan de geen, die ons bemint, en die (volgens de zelfde enegenendartigste Voorstelling van dit deel) aan ons poogt wel te doen, word dankbewijs, of dankbaarheit genoemt: en dieshalven blijkt dat de menschen veel vaerdiger zijn tot wraak, dan tot weldaat te vergelden.

Toegift.--De geen, die zich inbeeld dat hy van de geen bemint word, die hy haat, word gelijkelijk van haat en liefde bestreden; 't welk op de zelfde wijze getoont word, als d' eerste Toegift van de voorgaande Voorstelling.

Byvoegsel.--Indien de haat d' overhant verkrijgt, zo zal hy pogen den geen, die hem bemint, quaat aan te doen; en deze hartstocht word wreètheit genoemt, voornamelijk zo men gelooft dat de geen, die bemint, geen gemene oorzaak van haat heeft gegeven.

If anyone conceives that he is loved by another, and believes that he has given no cause for such love, he will love that other in return. (Cf. III. xv. Coroll., and III. xvi.)

Proof.--This proposition is proved in the same way as the preceding one. See also the note appended thereto.

Note.--If he believes that he has given just cause for the love, he will take pride therein (III. xxx. and note); this is what most often happens (III. xxv.), and we said that its contrary took place whenever a man conceives himself to be hated by another. (See note to preceding proposition.) This reciprocal love, and consequently the desire of benefiting him who loves us (III. xxxix.), and who endeavours to benefit us, is called gratitude or thankfulness. It thus appears that men are much more prone to take vengeance than to return benefits.

Corollary.--He who imagines that he is loved by one whom he hates, will be a prey to conflicting hatred and love. This is proved in the same way as the first corollary of the preceding proposition.

Note.--If hatred be the prevailing emotion, he will endeavour to injure him who loves him; this emotion is called cruelty, especially if the victim be believed to have given no ordinary cause for hatred.

Elements in Which 3P41 is Used
  1. 3P41  3p43d
  2. 3P41s  3daxxxiv
  3. 3P41s  4p49d
  4. 3P41s  4p57s