Individual Elements

←3P22
3P24→

3P23

Elements Used in 3P23
  1. 3p11s  3P23d
  2. 3p20  3P23d
  3. 3p13  3P23d
  4. 3p27  3P23s

Qui id quod odio habet, tristitia affectum imaginatur, lætabitur; si contra idem lætitia affectum esse imaginetur, contristabitur et uterque hic affectus major aut minor erit prout ejus contrarius major aut minor est in eo quod odio habet.

DEMONSTRATIO: Quatenus res odiosa tristitia afficitur eatenus destruitur et eo magis quo majore tristitia afficitur (per scholium propositionis 11 hujus). Qui igitur (per propositionem 20 hujus) rem quam odio habet, tristitia affici imaginatur, lætitia contra afficietur et eo majore quo majore tristitia rem odiosam affectam esse imaginatur; quod erat primum. Deinde lætitia existentiam rei lætæ ponit (per idem scholium propositionis 11 hujus) et eo magis quo major lætitia concipitur. Si quis eum quem odio habet, lætitia affectum imaginatur, hæc imaginatio (per propositionem 13 hujus) ejusdem conatum coercebit hoc est (per scholium propositionis 11 hujus) is qui odio habet, tristitia afficietur etc. Q.E.D.

SCHOLIUM: Hæc lætitia vix solida et absque ullo animi conflictu esse potest. Nam (ut statim in propositione 27 hujus ostendam) quatenus rem sibi similem tristitiæ affectu affici imaginatur eatenus contristari debet et contra si eandem lætitia affici imaginetur. Sed hic ad solum odium attendimus.

De geen, die zich het geen, dat hy haat, met droefheit aangedaan inbeeld, zal zich verblijden: integendeel, indien hy zich het zelfde met blijschap aangedaan te zijn inbeeld, zo zal hy zich bedroeven: en deze beide hartstochten zullen groter of kleinder wezen, naar dat des zelfs strijdige hartstocht groter of kleinder in 't geen is, dat hy haat.

Betoging.--Voor zo veel een hatelijke zaak met droefheit aangedaan word, voor zo veel word zy vernietigt, en zo veel te meer, als zy met groter droefheit word aangedaan; volgens het Byvoegsel van d' elfde Voorstelling in dit deel. De geen dan, die (volgens de twintigste Voorstelling van dit deel) zich een zaak, die hy haat, met droefheit aangedaan inbeeld, zal in tegendeel met blijschap aangedaan worden, en met zo veel te groter blijschap, als hy zich inbeeld dat de hatelijke zaak met groter droefheit aangedaan is; 't welk het eerste was. Wijders, de blijschap stelt wezentlijkheit van de blijde zaak, (volgens het zelfde Byvoegsel van d'elfde Voorstelling in dit deel) en zo veel te groter, als de blijschap groter word bevat. Indien iemant zich inbeeld dat de geen, die hy haat, met blijschap aangedaan is, zo zal (volgens de dartiende Voorstelling van dit deel) deze inbeelding zijn poging intomen; dat is, (volgens het Byvoegsel van d' elfde Voorstelling in dit deel) de geen, die haat, zal met droefheit aangedaan worden, enz. 't welk te betogen stond.

Byvoegsel.--Deze blijschap kan naauwelijks bestandig, en zonder enige strijt des gemoeds wezen. Want (gelijk ik terstont in de zevenëntwintigste Voorstelling, zal tonen) voor zo veel hy zich inbeeld een zaak, hem gelijk, met de hartstocht van droefheit aangedaan te worden, voor zo veel moet hy zich ook bedroeven; en recht anders, zo hy zich inbeeld dat de zelfde met blijschap aangedaan word. Maar wy merken hier op de haat alleen.

He who conceives, that an object of his hatred is painfully affected, will feel pleasure. Contrariwise, if he thinks that the said object is pleasurably affected, he will feel pain. Each of these emotions will be greater or less, according as its contrary is greater or less in the object of hatred.

Proof.--In so far as an object of hatred is painfully affected, it is destroyed, to an extent proportioned to the strength of the pain (III. xi. note). Therefore, he (III. xx.) who conceives, that some object of his hatred is painfully affected, will feel pleasure, to an extent proportioned to the amount of pain he conceives in the object of his hatred. This was our first point. Again, pleasure postulates the existence of the pleasurably affected thing (III. xi. note), in proportion as the pleasure is greater or less. If anyone imagines that an object of his hatred is pleasurably affected, this conception (III. xiii.) will hinder his own endeavour to persist; in other words (III. xi. note), he who hates will be painfully affected. Q.E.D.

Note.--This pleasure can scarcely be felt unalloyed, and without any mental conflict. For (as I am about to show in Prop. xxvii.), in so far as a man conceives that something similar to himself is affected by pain, he will himself be affected in like manner; and he will have the contrary emotion in contrary circumstances. But here we are regarding hatred only.

Elements in Which 3P23 is Used
  1. 3P23  3p26d
  2. 3P23  3p27d
  3. 3P23  3p27c2d
  4. 3P23  3p35d
  5. 3P23  3p38d
  6. 3P23  3p44d