Individual Elements

←3DAXIV
3DAXVI→

3DAXV

Elements Used in 3DAXV
  1. 2p31c  3DAXVe
  2. 2p49s  3DAXVe
  3. 3p18  3DAXVe
  4. 3p18s1  3DAXVe

Desperatio est tristitia orta ex idea rei futuræ vel præteritæ de qua dubitandi causa sublata est.

EXPLICATIO: Oritur itaque ex spe securitas et ex metu desperatio quando de rei eventu dubitandi causa tollitur, quod fit quia homo rem præteritam vel futuram adesse imaginatur et ut præsentem contemplatur vel quia alia imaginatur quæ existentiam earum rerum secludunt quæ ipsi dubium injiciebant. Nam tametsi de rerum singularium eventu (per corollarium propositionis 31 partis II) nunquam possumus esse certi, fieri tamen potest ut de earum eventu non dubitemus. Aliud enim esse ostendimus (vide scholium propositionis 49 partis II) de re non dubitare, aliud rei certitudinem habere atque adeo fieri potest ut ex imagine rei præteritæ aut futuræ eodem lætitiæ vel tristitiæ affectu afficiamur ac ex rei præsentis imagine, ut in propositione 18 hujus demonstravimus, quam cum ejusdem scholiis vide.

De Wanhoop is een droef heit, gesproten uit het denkbeelt van een toekomende, of verlede zaak, van de welke d' oorzaak van te twijffelen wechgenomen is.

Verklaring.--Uit de hoop dan volgt gerustheit, en uit de vrees wanhoop, als d' oorzaak, om van d' uitgang van de zaak te twijffelen, wechgenomen word: 't welk geschied om dat de mensch zich inbeeld dat de verlede, of toekomende zaak tegenwoordig is, en haar als tegenwoordig aanschout, of om dat hy zich andere dingen inbeeld, die de wezentlijkheit van die dingen, de welken hem deden twijffelen, uitsluiten. Want hoewel wy (volgens de Toegift van d' eenëndartigste Voorstelling in het tweede deel) van d' uitgang der bezondere dingen nooit zeker konnen zijn, zo kan echter gebeuren dat wy van der zelfder uitgang niet twijffelen. Want wy liebben getoont (bezie het Byvoegsel van de negenënveertigste Voorstelling in het tweede deel) dat het iets anders is, van een zaak niet te twijffelen, en iets anders, zekerheit van een zaak te hebben: en dieshalven kan gebeuren dat wy door het beelt van een verlede, of toekomende zaak met de zelfde hartstocht van blijschap, of van droef heit aangedaan worden, als door het beelt van de tegenwoordige zaak, gelijk wy in d' achtiende Voorstelling van dit deel betoogt hebben, de welke men, met der zelfder Byvoegsel, na te zien heeft.

Despair is pain arising from the idea of something past or future, wherefrom all cause of doubt has been removed.

Explanation--Thus confidence springs from hope, and despair from fear, when all cause for doubt as to the issue of an event has been removed: this comes to pass, because man conceives something past or future as present and regards it as such, or else because he conceives other things, which exclude the existence of the causes of his doubt. For, although we can never be absolutely certain of the issue of any particular event (II. xxxi. Coroll.), it may nevertheless happen that we feel no doubt concerning it. For we have shown, that to feel no doubt concerning a thing is not the same as to be quite certain of it (II. xlix. note). Thus it may happen that we are affected by the same emotion of pleasure or pain concerning a thing past or future, as concerning the conception of a thing present; this I have already shown in III. xviii., to which, with its note, I refer the reader.
Elements in Which 3DAXV is Used

N/A